BNP Paribas: Groepsresultaten per 30 september 2016 - BNP Paribas Belgïe
BNP Paribas in België Nieuws & pers
BNP Paribas BE_Press_Woman reading newspaper_950x230
10/28/2016 - , ,

BNP Paribas: Groepsresultaten per 30 september 2016

Doorsturen naar een vriendDoorsturen naar een vriend PrintPrint

Op 27 oktober 2016 onderzocht de Raad van Bestuur van BNP Paribas, onder het
voorzitterschap van Jean Lemierre, de resultaten van de Groep voor het derde kwartaal van
2016.

GOEDE RESULTATEN EN SOLIDE ORGANISCHE GROEI VAN HET EIGEN VERMOGEN

BNP Paribas realiseert dit kwartaal globaal een goed resultaat, waarmee het de kracht van zijn geïntegreerde en gediversifieerde bedrijfsmodel aantoont, zelfs ondanks de lage rentevoeten.

Het nettobankresultaat bedraagt 10.589 miljoen euro, een stijging met 2,4% tegenover het derde kwartaal van 2015. Het omvat dit kwartaal de uitzonderlijke impact van de herwaardering van schuld uitgegeven door de groep (‘OCA’) en van het kredietrisico van de groep vervat in derivaten (‘DVA’) voor -202 miljoen euro (+37 miljoen euro in het derde kwartaal van 2015).

Het nettobankresultaat vertoont een goede vooruitgang in de operationele pijlers (+4,8% in vergelijking met het derde kwartaal van 2015): het is stabiel voor Domestic Markets (1) (+0,1%), ondanks de omgeving met lage rentevoeten; stijgt met 3,9% voor International Financial Services en stijgt forst voor CIB (+13,2%).

De beheerskosten bedragen 7.217 miljoen euro, een stijging met 3,7% tegenover het derde kwartaal van 2015. Ze omvatten de uitzonderlijke impact van de herstructureringskosten door de acquisities (2) voor 37 miljoen euro (34 miljoen euro in het derde kwartaal van 2015) evenals de herstructureringskosten van CIB voor 216 miljoen euro in verband met de snelle implementatie van het herstructureringsplan (0 in het derde kwartaal van 2015). Ze omvatten geen kosten meer in het kader van het plan ‘Simple & Efficient’ (126 miljoen euro in het derde kwartaal van 2015): conform de doelstellingen werden de laatste kosten voor dit plan geboekt in het vierde kwartaal van 2015.

De beheerskosten stijgen met 1,6% voor Domestic Markets (1), met 3,4% voor International Financial Services en met 3,5% voor CIB. Ze omvatten de impact van de nieuwe reglementeringen evenals de effecten van de toegenomen activiteit in bepaalde bedrijfsonderdelen, maar profiteren van het succes van het besparingsplan ‘Simple & Efficient’, waardoor de natuurlijke stijging van de kosten kan worden gecompenseerd.

Zo daalt het brutobedrijfsresultaat van de Groep met 0,5% tot 3.372 miljoen euro. Het stijgt met 8,8% voor de operationele pijlers.

De kostprijs van het risico daalt met 13,4%, in het bijzonder door de goede beheersing van het risico bij het verlenen van nieuwe kredietlijnen, de lage renteomgeving en de verdere verbetering in Italië. Hij bedraagt 764 miljoen euro (882 miljoen euro in het derde kwartaal van 2015), dat is 43 basispunten van het volume van de uitstaande kredieten aan klanten.

Het niet-operationele resultaat bedraagt +172 miljoen euro (+163 miljoen euro in het derde kwartaal van 2015).

Het resultaat vóór belastingen bedraagt zo 2.780 miljoen euro, tegenover 2.669 miljoen euro in het derde kwartaal van 2015 (+4,2%). Het stijgt met 15,2% voor de operationele pijlers.

Het nettoresultaat, aandeel van de groep, bedraagt 1.886 miljoen euro, een stijging met 3,3% in vergelijking met het derde kwartaal van 2015. Exclusief uitzonderlijke elementen (3) bedraagt het 2.192 miljoen euro (+15,0%).

Per 30 september 2016 bedraagt de Common Equity Tier 1-ratio Bazel 3 fully loaded (4) 11,4%, een stijging met 30 basispunten in vergelijking met 30 juni 2016, wat de stevige vorming van eigen vermogen aantoont. De hefboomratio Bazel 3 fully loaded (5) bedraagt 4,0% (stabiel tegenover 30 juni 2016).

De liquiditeitsratio (‘Liquidity Coverage Ratio’) bedraagt dan weer 127% per 30 september 2016.
De onmiddellijk beschikbare liquiditeitsreserve van de Groep, ten slotte, bedraagt 326 miljard euro (291 miljard euro per 30 juni 2016). Dat betekent meer dan een jaar manoeuvreerruimte in vergelijking met de marktfinanciering.

Het boekhoudkundige nettoactief per aandeel bedraagt 73,1 euro, wat overeenkomt met een gemiddelde groeivoet op jaarbasis van 6,2% sinds 31 december 2008. Dit illustreert het vermogen om over de hele duur van de cyclus waarde te creëren.

De Groep implementeert actief het herstelplan waartoe is beslist in het kader van het globale akkoord met de Amerikaanse overheid en versterkt verder zijn interne controle en compliancesysteem.

Voor de eerste negen maanden van 2016 is het nettobankresultaat, dat 32.755 miljoen euro bedraagt, licht gestegen (+0,8% in vergelijking met de eerste negen maanden van 2015), ondanks de heel laag blijvende rentevoeten en een bijzonder ongunstige omgeving in het eerste kwartaal. Het omvat de uitzonderlijke impact van de meerwaarde uit de verkoop van de effecten Visa Europe voor +597 miljoen euro, evenals de herwaardering van schuld uitgegeven door de groep (‘OCA’) en van het kredietrisico van de Groep vervat in derivaten (‘DVA’) voor -41 miljoen euro (+154 miljoen euro in de eerste negen maanden van 2015).

Op het niveau van de operationele pijlers houdt het nettobankresultaat goed stand in vergelijking met de eerste negen maanden van 2015 bij Domestic Markets (6) (-0,4%), stijgt het bij International Financial Services (+0,5%) en daalt het met 2,8% bij CIB, wegens de bijzonder moeilijke marktomgeving in het eerste kwartaal.

De beheerskosten bedragen 21.934 euro en stijgen slechts 0,4% tegenover de eerste negen maanden van 2015. Ze omvatten de uitzonderlijke impact van de herstructureringskosten voor de acquisities (7) en de kosten van het transformatieplan van CIB voor 407 miljoen euro (507 miljoen euro in de eerste negen maanden van 2015). Ze omvatten geen herstructureringskosten meer in het kader van het plan ‘Simple & Efficient’ (390 miljoen euro in de eerste negen maanden van 2015).

De beheerskosten stijgen met 2,0% voor Domestic Markets (6) en met 1,9% voor International Financial Services, maar dalen met 1,3% voor CIB in verband met de zwakkere activiteit in het eerste kwartaal. In toepassing van IFRIC-interpretatie 21 ‘Heffingen'(8) omvatten zij alle verhogingen in 2016 van de banktaksen en -bijdragen. Ze omvatten ook de implementatie van de nieuwe reglementeringen en de versterking van de compliance, maar profiteren van het geslaagde besparingsplan ‘Simple & Efficient’, waardoor de natuurlijke stijging van de kosten kan worden
gecompenseerd.

Het brutobedrijfsresultaat van de Groep stijgt met 1,7% tot 10.821 miljoen euro. Het daalt met 3,5% voor de operationele pijlers.

De kostprijs van het risico daalt significant (-18,3% in vergelijking met de eerste negen maanden van 2015), in het bijzonder door de goede beheersing van het risico bij het verlenen van nieuwe kredietlijnen, de lage renteomgeving en de verbetering in Italië. Hij bedraagt 2.312 miljoen euro (2.829 miljoen euro in de eerste negen maanden van 2015).

Het niet-operationele resultaat bedraagt +434 miljoen euro (+1.094 miljoen euro in de eerste negen maanden van 2015, door de uitzonderlijke impact van een meerwaarde uit de verkoop van een participatie van 7% in Klépierre-Corio voor +364 miljoen euro, een meerwaarde op verwatering door de fusie van Klépierre en Corio voor +123 miljoen euro en een meerwaarde uit de verkoop van een niet-strategische participatie voor +94 miljoen euro).

Dat brengt het resultaat vóór belastingen op 8.943 miljoen euro, tegenover 8.906 miljoen euro voor de eerste negen maanden van 2015 (+0,4%). Het daalt lichtjes (-0,4%) voor de operationele pijlers.

Het nettoresultaat, aandeel van de groep, bedraagt 6.260 miljoen euro, een stijging met 3,8% in vergelijking met de eerste negen maanden van 2015. Exclusief uitzonderlijke elementen (9) bedraagt het 5.989 miljoen euro (+4,1%).

De rendabiliteit op jaarbasis van het eigen vermogen exclusief uitzonderlijke elementen bedraagt 9,8% [+60 basispunten in vergelijking met het hele jaar 2015 (10)]. De rendabiliteit op jaarbasis van het materiële eigen vermogen exclusief uitzonderlijke elementen bedraagt 11,7% [+60 basispunten in vergelijking met het hele jaar 2015 (10)]. De rendabiliteit op jaarbasis van het eigen vermogen exclusief uitzonderlijke elementen, berekend op basis van een CET1-ratio van 10%, bedraagt 10,7%, in lijn met de doelstelling van het plan 2014-2016.

(1) Inclusief 100% van de privébanken van de thuismarkten (exclusief PEL/CEL-effecten)
(2) LaSer, Bank BGZ, DAB Bank en GE LLD
(3) Effect van de uitzonderlijke elementen na belastingen: -306 miljoen euro in het derde kwartaal van 2016, -80 miljoen euro in het derde kwartaal van 2015
(4) Ratio rekening houdend met alle regels van CRD4 zonder overgangsmaatregelen
(5) Ratio rekening houdend met alle regels van CRD4 tot 2019 zonder overgangsmaatregelen, berekend overeenkomstig
de gedelegeerde verordening van de Europese Commissie van 10 oktober 2014
(6) Inclusief 100% van de privébanken van de thuismarkten (exclusief PEL/CEL-effecten)
(7) LaSer, Bank BGZ, DAB Bank, General Electric LLD
(8) Rekening houdend in het eerste kwartaal met de volledige banktaksen en -bijdragen voor het jaar.
(9)Effect van de uitzonderlijke elementen na belastingen: +272 miljoen euro voor de eerste negen maanden van 2016,
+278 miljoen euro voor de eerste negen maanden van 2015
(10) Effect van de uitzonderlijke elementen na belastingen in 2015: -644 miljoen euro

 

Persbericht “BNP Paribas Groepsresultaten per 30 September 2016”
View the slides of the presentation (in het Engels)
View the Quarterly Series (in het Engels)

Bertrand Cizeau
Tel: + 33 1 42 98 33 53
bertrand.cizeau@bnpparibas.com

Julia Boyce
Tel : +33(0)1 43 16 82 04
julia.boyce@bnpparibas.com